Relatie Cuba – EU

De relaties tussen Cuba en de EU zijn op zijn zachtst gezegd sinds
1959 zeer turbulent geweest. Behalve België, Zwitserland en de
Oost-Europese landen werden alle diplomatieke betrekkingen verbroken.
Pas na de dood van Franco heeft Spanje weer een ambassadeur gestuurd
(het Spaans consulaat is wel steeds gebleven). Eén voor één werden er
opnieuw diplomatieke betrekkingen opgestart met andere landen.
In 1990 verslechterden echter de relaties met de Oost-Europese landen.
Sinds de oprichting van de Europese Unie staan enkele Westerse
waarden hoog in het vaandel van de Unie geschreven: een behoorlijke
rechtsstaat, democratie (dwz een meerpartijensysteem), economische
vrijhandel, pers- en meningsvrijheid en sociale vooruitgang.
Al zijn er altijd diplomatieke relaties geweest tussen Cuba en de
EU, toch was er niet altijd een EU-vertegenwoordiger in Havana. Alhoewel
er met de meeste Europese landen handelsbetrekkingen zijn en Cuba
steeds een diplomatiek vertegenwoordiger had in Brussel, toch wordt
Cuba nog steeds niet behandeld zoals alle andere landen van de wereld.
Er bestaat namelijk geen
associatieverdrag, noch een coöperatie-overeenkomst, noch
officieel politiek overleg. M.a.w. de soevereiniteit van Cuba wordt
door de EU niet erkend. Dit wordt eufemistisch het ‘Gemeenschappelijk
Standpunt’ genoemd dat elk jaar ter discussie staat vooral sinds de
opheffing van de sancties van 2003 in 2009. (In 2003, onder druk van de
V.S. en door toedoen van de Spaanse premier Aznar werden sancties
tegen Cuba opgelegd . De aanleiding was de arrestatie van 75 zgn.
dissidenten. In feite zijn het betaalde collaborateurs/huurlingen wat
zwart op wit bewezen werd door geïnfiltreerde undercoveragenten van de
Cubaanse Staatsveiligheid. )
De verbetering van de relaties tussen Cuba en de Europese Unie kwam
er pas na de verkiezing van Zapatero in Spanje en door toedoen van
Louis Michel, eerst als Belgisch minister van Buitenlandse Zaken, daarna
als Eurocommissaris. Men hoopt in 2010 op het einde van het absurde
Gemeenschappelijk Standpunt.
Blijkbaar echter probeert men daar recentelijk een stokje voor te
steken. Sinds eind 2009 lijkt er immers een lastercampagne tegen Cuba
op gang te zijn getrokken. Een lawine van medialeugens en als toppunt
de dood van een delinquent in de gevangenis die ten onrechte als
dissident wordt bestempeld, kan geen toeval zijn.
Cuba staat op de lijst van terroristenlanden terwijl het echter
nooit medeplichtig is geweest aan welke terreurdaad dan ook; integendeel
Cuba is al 50 jaar zelf het slachtoffer van terreur, vooral dan door
de VSA.
Om verdere aanslagen en pogingen tot aanslagen te voorkomen werden
begin jaren 1990 vijf mannen undercover naar Miami gezonden
(zie: Wie zijn De Vijf ?).
Zoals Brian Wilson (ex Brits minister voor buitenlandse zaken) ooit zei :
“ …de kritiek moet voor ogen houden dat Cuba iets aan de wereld
heeft geschonken, namelijk het levend bewijs dat het mogelijk is de
armoede, ziektes en analfabetisme te bestrijden ; dit is een enorme
verwezenlijking, vooral als dit gebeurt onder de neus van een obsessieve
dwingeland als de VSA…”
Cuba wil zijn eigen weg kunnen volgen en op gelijke voet behandeld worden als andere landen. De Europese landen moeten er sterker op aandringen dat de VSA de resoluties van de UNO aanvaarden. Pas dan zal Cuba zich volledig en duurzaam kunnen ontwikkelen, wat het tot nu toe gedeeltelijk reeds op eigen kracht heeft gedaan (zie studies van het WHO).